Rijke Geschiedenis

Opgericht in 1964

De Schola Cantorum van het Ward-Instituut werd opgericht in augustus 1964. Aanleiding was een verzoek van de K.R.O. (Katholieke Radio Omroep) aan Jos Lennards om een serie uitzendingen te verzorgen die in zekere zin een voortzetting zouden zijn van het vroeger bekende radioprogramma -“De Zingende Kerk”, samengesteld door Dom B. Brockbernd O.S.B. en in later tijd door Hub Voncken en dr. Anton Dijker.

Jos Lennards

Het resultaat was een plan tot geregelde hervattingen van de gregoriaanse uitzendingen. In het najaar 1964 zou de start plaatsvinden. Maar eerst moest een koor uit de grond gestampt worden. Dat lukte. Achttien vrienden, voor het merendeel oud-leerlingen van de Roermondse Kweekschool, waren bereid.” De oprichting van de “Radio-schola De Zingende Kerk”, zoals de officieuze naam destijds luidde, was een feit.
Tijdens de 15e vakantiecursus van het Ward-lnstituut in de Norbertijnenabdij van Berne-Heeswijk vonden de eerste repetities plaats. Het waren voor zowel dirigent als leden van de nog prille schola heerlijke onvergetelijke dagen, waarbij het aangename niet onderdeed voor het nuttige!


In de Abdijkerk van Berne werd door de KRO de eerste opname gemaakt en in oktober 1964 begonnen de uitzendingen. Deze gaven de luisteraar een bloemlezing uit het gregoriaanse repertoire: vaste misgezangen, recitatieven, hymnen, introitussen, communio’s, offertoria, graduales, alleluia’s, antifonen, responsories. Iedere uitzending werd door Jos Lennards op zijn eigen typische manier van commentaar voorzien. De schola verzorgde vele tientallen Instructieve uitzendingen voor de KRO. Blijkbaar voorzag de KRO hiermee in een behoefte, want de positieve reacties op de radio-uitzendingen “De Zingende Kerk” waren talloos in die jaren.

Hoewel de eerste jaren van de schola duidelijk in het teken stonden van de opnamen voor het radioprogramma “De Zingende Kerk” werden er van meet af aan toch ook incidentele uitvoeringen verzorgd. Langzaam maar zeker werden de repetities en uitvoeringen frequenter: Jos Lennards liet niets achterwege om zijn schola landelijk steeds meer bekendheid te geven en aan het eind van de jaren ’60 was de schola een veel gevraagd Gregoriaans koor dat inmiddels ook al zijn eerste L.P. had uitgebracht.
Door zijn bestuurslidmaatschap van de internationale vereniging van kerkmuziek, de CIMS te Rome (Consociatio Internationalis Musicae Sacrae), beschikte Jos Lennards over talrijke Internationale contacten. Daar maakte de schola gedurende Lennards dirigentschap diverse malen gebruik van.

Internationale optredens in 70’er jaren

In oktober 1973 nam de schola deel aan de internationale koorweek van de CIMS in Rome, een concertreis die culmineerde in een audiëntie bij Paus Paulus Vl.
In 1974 ontving de schola de vererende uitnodiging om van 26 augustus tot 2 september het 6e Internationale Congres van de CIMS in Salzburg op te luisteren. Liefst zeven maal gaf de Schola daar acte de présence tijdens pontificale hoogmissen en Mariafeesten. Tijdens deze concertreis was de schola voor het eerst te bewonderen in haar nieuwe kleding: tunica’s, ontworpen door Dom van der Laan uit de abdij Mamelis te Vaals.

In België nam de schola vanaf 1976 regelmatig deel aan het Festival van Vlaanderen. De meeste uitvoeringen van dit prestigieuze festival werden naderhand door BRT-radio uitgezonden.
Het laatste jaar waarin Jos Lennards officieel leiding gaf aan de schola, 1979, stond bol van buitenlandse optredens. in Parijs werd in de St.Germain  l’Auxerrois een aantal missen verzorgd. In Gent trad de schob op in de St. Elisabethkerk en tijdens een tweedaagse reis naar Leuven werd o.a. een radiohoogmis opgeluisterd.

Afscheid van Jos Lennards

De laatste maand van het jaar 1979 en de eerste maand van 1980 stonden in het teken van Jos Lennards’ tachtigste geboortejaar en diens afscheid van de Schola. Als afsluiting van talrijke festiviteiten vertrok de schola op 27 januari 1980 voor de tweede maal naar Rome. Lennards zou daar de versierselen, behorend bij de titel ‘Doctor Honoris Causa’ uitgereikt krijgen. De feestdag begon met een eucharistieviering In een kapel naast de St. Pieter. Celebrant was kardinaal Willebrands. De uitreiking van het eredoctoraat vond plaats in het Pontificio di Musica Sacra, gelegen aan de Piazza St.AgostIno. 
Pal voor het orgel dat muziekpedagoge Justine Ward jaren voordien aan het Pontificio ten geschenke gaf, speelde zich de ceremonie af waarbij de Schola Cantorum van het Ward-instituut met volle teugen genoot van de internationale wetenschappelijke erkenning die haar oprichter en dirigent Jos Lennards ten deel viel.

Terugkijkend op de periode 1964-1979 kunnen we constateren dat Jos Lennards de schola gedurende vijftien jaren naamsbekendheid gaf in binnen- en buitenland. Hij deed dat op een hem typerende manier: diplomatiek, doortastend en volhardend. Hoewel hij in stijl en uitvoeringswijze gerekend kan worden tot een strikte volgeling van de koorleiders Dom Mocquereau en Dom Gajard uit Solesmes, schuwde Lennards het niet bepaalde veranderingen In de bestaande gregoriaanse gezangen aan te brengen, ook al gebeurde dat slechts incidenteel. Zo experimenteerde de oude meester, daartoe geïnspireerd door Dom Cardine, met coupures en melodische restauraties.
Grote aandacht besteedde Lennards aan koordiscipline, stemvorming en vooral de uitspraak en betekenis van de gregoriaanse gezangen. Met het benadrukken van dit laatste element trachtte hij zijn koorleden  te doordringen van zijn opvatting dat het gregoriaans vooral een kwestie van l ‘art et prière’ is. Zelf schreef Lennards hier het volgende over:

Jos Lennards:

“Degene die het gregoriaans alleen maar ziet als muziek, blijft aan de oppervlakte en aan de buitenkant staan, hij zal nooit tot de essentie doordringen. Het gregoriaans is geen l’art pour l’art, geen muziek voor een concert, zelfs niet voor een geestelijk concert, het is veel méér, het heeft een hoger doel dan alleen maar het esthetische. Het is de expressie van de liturgische gebedsteksten met hun verscheidene schakeringen: aanbidding, lof, smeking, vertrouwen, hoop en troost.”


Op 3 december 1986 overleed Jos Lennards, enige weken voor hij 87 jaar zou worden. Met het heengaan van Jos Lennards werd een belangrijk hoofdstuk van de Schola Cantorum van het Ward-instituut definitief afgesloten. Mocht de schola zich tijdens Lennards’ dirigentschap al verheugen in een warme belangstelling van de KRO-radio, na diens overlijden werd deze lijn onverminderd voortgezet. In de vorm van thema-uitzendingen, series en rechtstreekse uitzendingen van uitvoeringen besteedde de KRO talloze keren aandacht aan de Schola.

Louis Krekelberg

Nadat Louis Krekelberg in 1979 het roer van Lennards overnam, kreeg het koor in toenemende mate te maken met de samensteller van het fameuze radioprogramma ‘Laudate’ , Wico Clements. Diens inbreng is in de ruim 60-jarige geschiedenis van de schola van onschatbare waarde geweest.

Louis Krekelberg

Ruim 20 jaar maakte hij bijzondere programma’s voor Radio 4, vooral op het gebied van religieuze muziek. Zijn programma ‘Laudate’ werd het meest bekend. In deze serie mocht de schola tientallen keren acte de présence geven en tijdens iedere uitzending liet Wico Clements met kennis van zaken zijn bewondering voor het koor blijken. Clements’ inbreng bij het vervaardigen van de CD’S die de schola uitbracht Is groot geweest. Niet verteld is dat Wico Clements In de loop der jaren door dirigent Louis Krekelberg en menig scholalid als een goede en kundige vriend werd beschouwd. Het plotselinge heengaan van Wico Clements op 25 juli 2002 betekende dan ook een schok voor de schola en een definitief afscheid van een man die jarenlang een voortreffelijke schakel vormde tussen schola en KRO-radio.

Kennelijk had Louis Krekelberg de smaak te pakken gekregen van het oude handschriften bestuderen, want in 1994 bracht hij de schola zo ver dat er een tweetal uitvoeringen van het ‘Officium Pastorum’ plaats vonden. Dit korte herdersspel was de vrucht van een diepgaande studie die hij maakte van een 13e eeuws manuscript, afkomstig uit Rouen. Op 18 december 1994 voerde de schola onder zijn leiding en onder regie van – inmiddels huisregisseur – Johan Schoenmakers het middeleeuwse herdersspel op in de St. Martinuskerk van Weert. Op kerstnacht volgde een reprise in de parochiekerk van St. Joost.

Het meest tijdrovende en tevens moeilijkste project dat de Schola Cantorum van het Ward-instituut onder leiding van Louis Krekelberg ter hand nam, bestond uit de ‘Officia Propria Nobilium Virginum Thorensium’. Het grootste gedeelte van de beschikbare repetitietijd van 2002 werd aan dit project besteed. Toch was het dat alleszins waard. De Officia behelzen een kostelijke verzameling geestelijke gezangen, gebeden en aantekeningen, vastgelegd in een authentiek handschrift van de voormalige abdij van Thorn. Het manuscript, handelend over de periode 1593-1614 werd evenals bij vorige projecten intensief door Krekelberg en Schoenmakers bestudeerd.
Op 15 december 2002 bracht de schola op de oorspronkelijke plaats, de abdijkerk van Thorn, dit unieke project voor de eerste keer tot leven. De uitvoering, waaraan drie dames van het Dietsch Vocaal Ensemble uit Eindhoven hun medewerking verleenden, werd een gigantisch succes. De kerk was volledig gevuld met geïnteresseerde bezoekers en menigeen die het gebeuren ook graag had meegemaakt moest door plaatsgebrek de toegang worden ontzegd. Dit bracht de initiatiefnemer, de Stichting Metronoom van de gemeente Thorn, ertoe de schola te vragen voor een tweede uitvoering in 2003. Deze vond plaats op 21 december. Behalve Thorn kon ook Venlo van het bijzondere project genieten: op 28 september 2003 werden de ‘Officia Propria’ In de St. Martinuskerk ten gehore gebracht.

Met een feestelijke hoogmis in de Roermondse kathedraal opende de Schola Cantorum van het Ward-lnstituut op 23 november 2008 de dag waarop zij officieel afscheid nam van haar dirigent Louis Krekelberg, die de Schola bijna dertig jaar geleid heeft. Deze hoogmis werd rechtstreeks door de KRO / RKK radio uitgezonden. Diverse kerkkoren waarmee Krekelberg in de afgelopen jaren had samengewerkt werden uitgenodigd om actief deel te nemen aan de eucharistie.
Het was een hartenwens van de scheidende schola-leider dat deze eucharistieviering een toonbeeld zou zijn van hoe gregoriaans en Latijn in deze tijd op een zinvolle manier in een viering geïntegreerd kunnen worden.

Cyriel Tonnaer, muzikaal leider sinds 2008

De nieuwe muzikale leider van de Schola werd Cyriel Tonnaer, die semiologie van het gregoriaans studeerde aan het Conservatorium van Maastricht. Onder zijn leiding verzorgde de Ward-schola vele tientallen liturgievieringen en concerten in binnen- en buitenland. De schola maakte o.a. een meerdaagse  concertreis naar Chartres en Parijs en nam in 2013 een CD op met Pinkstergezangen ten behoeve van een uitgebreid boek over de hymne Veni Creator, dat geschreven werd door professor dr. Piet Stevens uit Heerlen. In 2012 en 2018 nam de schola opnieuw deel aan het Internationaal Gregoriaans Festival te Watou. Binnen en buiten de Schola zet Cyriel Tonnaer het werk en doel van zijn illustere voorgangers voort: het behouden en promoten van het gregoriaans, vooral door het te zingen op de plaats waar het van oudsher thuishoort, in de liturgie.

Terugkijkend op haar ontstaan en de ontwikkeling lijkt de geschiedenis van de Schola Cantorum van het Ward-instituut uitsluitend te bestaan uit een reeks van hoogtepunten. Schijn bedriegt: ook de Schola kende tegenvallers en zelfs dieptepunten. Met name denkt de schola hierbij aan de leden waar zij in de toop der jaren afscheid van moest nemen doordat ze haar door de dood ontvielen.
Kenmerkend voor de schola is dat ieder lid, dat de overledenen heeft gekend, bij het noemen van hun naam ogenblikkelijk hetzelfde beeld van de betrokkenen voor ogen krijgt. Dat is eigenlijk niet verbazingwekkend als men weet dat er in de loop van de jaren een ware vriendschap is gegroeid tussen de leden onderling.
Een vriendschap die in een aantal gevallen al ruim 60 jaar bestaat. Deze vriendschap, die ontstond en werd uitgebouwd tijdens het artistieke leiderschap van Jos Lennards en Louis Krekelberg, wordt door de huidige dirigent Cyriel Tonnaer gekoesterd, want vriendschap vormt een prachtige basis om samen naar iets moois toe te werken en tot grote prestaties te komen op muzikaal gebied.