Schola Cantorum van het Ward-Instituut

In Memoriam Louis Krekelberg



In Memoriam Louis Krekelberg

Lieve Els, Dorine, Ireen, Bart, Dianne, kleinkinderen, familieleden en aanwezigen,

Op 1 maart heeft de Schola Cantorum van het Ward-Instituut heeft haar oudste vriend verloren, Louis Krekelberg, een vriend die vanaf het ontstaan in 1964 een zeer betrokken schola-lid was en van 1979 tot 2008 een uitmuntend koorleider, die de schola op een zeer muzikale manier geïnspireerd heeft en tot grote prestaties heeft aangezet.
Ofschoon Louis, net zoals onze eerste dirigent Jos Lennards, doorkneed was in de traditionele uitvoeringspraktijk volgens Dom Mocquereau en Dom Gajard uit Solesmes, legde hij vanaf het begin van zijn dirigentschap andere accenten. Het meest opvallend was de aandacht die hij al in een vroeg stadium besteedde aan de semiologie, de wetenschap die de betekenis van de oude muzikale handschrifttekens tracht te achterhalen en daarmee een verantwoorde interpretatie van het gregoriaans probeert te bewerkstelligen.
Zonder de melodische lijn van de muziek uit het oog te verliezen wist Louis op een geleidelijke manier de schola zover te krijgen, dat zij inzicht kreeg in de complexe materie van notatie en opvatting van de oude handschriften. Langzaam maar zeker werd de traditionele kwadraatnotatie uit het Liber Usualis door hem ingeruild voor een weergave van de handschrifttekens, zoals zij in het huidige Graduale Triplex te vinden zijn.
Nadat Louis in 2008 als dirigent afscheid nam, bleef hij zich als adviseur nadrukkelijk en intensief met het wel en wee van de schola bezighouden. Dat was niet altijd gemakkelijk, zowel voor hem als voor ons, de schola! Respect en vriendschap hebben in de relatie tussen Louis en de schola echter altijd de boventoon gevoerd.

Vriendschap werd door Louis altijd gekoesterd, want vriendschap vormt – zoals hijzelf ooit zei – een prachtige basis om samen naar iets moois toe te werken en tot grote prestaties te komen op muzikaal gebied.
Het respect dat wij, scholaleden, voor Louis hebben is veelomvattend.
In vogelvlucht probeer ik u ons 29 jaren durende intensieve verleden met Louis als koorleider te schetsen:

Nadat de schola onder leiding van Jos Lennards twee grammofoonplaten had uitgebracht, zette Louis zijn schouders onder de uitgave van drie LP’s: ‘Maria onbevlekte Ontvangenis’ (Gaudens gaudebo); ‘Salve Regina’ met gezangen over de gewelfschilderingen van het Salviuskerkje te Limbricht, en ‘Lofgezangen’ met een keur aan bekende gregoriaanse gezangen. Deze platen werden door de KRO ook als CD uitgebracht onder het label ‘KRO-klassiek’ met medewerking van regisseur Wico Clements (van het programma Laudate) die ook talloze radio-uitvoeringen met de schola verzorgde. Onze onvermoeibare koorleider startte in 1992 met een nieuw project, een CD waarop vrijwel alle gezangen van de uitvaartliturgie te horen zijn. Die Requiem-CD werd als eerste aan semioloog frater Kees Poederoijen en muziekredacteur Ed Gerits van de ROZ aangeboden.
Bij de daaropvolgende CD ‘Rorate caeli’ schakelde Louis Krekelberg naast de schola nog 300 leden van Limburgse kerkkoren in, een CD die in de pers uitstekend ontvangen werd, getuige de boeiende bespreking die musicoloog dr. Ike de Loos er destijds aan gaf in het Tijdschrift voor Gregoriaans.
In het jaar 2000 produceerde Louis met de schola de CD ‘In Navitate Domini’ met gregoriaanse gezangen uit de middeleeuwse liturgie van Kerstmis en Driekoningen, een auditieve neerslag van een stijlvolle uitvoering die de schola in dat jaar verzorgde van het Oficium Pastorum en Regum Trium.

De láátste CD die onder leiding van Louis Krekelberg in 2004 werd uitgebracht was de ‘Mariavespers van Marcel Dupré’, een CD die na een prachtig concert van harmonieuze afwisseling tussen traditionele gregoriaanse vesperzang en orgelmuziek in de Martinus-kerk in Venlo samen met organist Jean-Pierre Steijvers uit Roermond tot stand kwam.
Naast alle CD-opnames vormde de KRO met Wico Clements gedurende een lange reeks van jaren een verbindende schakel tussen de schola en talloze radio-uitvoeringen.
Ook trad de schola, net zoals in de tijd van Jos Lennards, onder leiding van Louis Krekelberg diverse malen op voor de televisie.
Niet onvermeld mogen blijven de glorieuze concertreizen die de schola maakte onder leiding van Louis naar het prestigieuze driejaarlijkse Internationale Festival van het Gregoriaans in het Belgische Watou. Als een van de 23 optredende schola’s uit vele landen, zoals Korea, Duitsland, Litouwen, Brazilië, Frankrijk, Italië en Engeland bracht de Ward-schola onder de bezielende leiding van Louis een schitterende uitvoering van het Frans liturgisch drama ‘Ordo ad Peregrinum’ uit Beauvais. De internationale pers besteedde uitvoerig aandacht aan deze uitvoering van het door Louis gereconstrueerde drama uit een 12e eeuwse handschrift. Dat Peregrinus-spel voerde de schola ook tijdens het Holland festival Oude Muziek in een bomvolle Pieterskerk te Utrecht uit.
Het aandachtige en muisstille publiek genoot van de indrukwekkende voorstelling en gaf na afloop een minutenlang durend applaus.
De keer dat Louis tijdens de pontificale vespers van het slot-evenement in Watou de leiding kreeg over alle 22 deelnemende schola’s was ook een absoluut hoogtepunt.
De Karolingische acclamaties ‘Christus vincit’ zijn zelden met meer overtuiging gezongen als toen!

Op een indrukwekkende manier heeft Louis het werk en doel van zijn voorganger Jos Lennards voortgezet: het behouden en promoten van het gregoriaans, vooral door het te zingen op de plaats waar het van oudsher thuishoort, in de liturgie. Daarnaast vroeg Louis in tal van concerten en in oude liturgische spelen op een andere manier aandacht voor de schoonheid van het gregoriaans. Bij de uitvoering van een aantal concerten zocht hij samenwerking met andere koren en bekende organisten, zoals Albert de Klerk, Bernard Bartelink, Jan Raas en Kamiel D’Hooge.
Veel is er samengewerkt met het Franciscuskoor van Gerard Franck uit Venlo en met het Dietsch Vocaal Ensemble van Ed Kronenburg uit Eindhoven. Dat was typerend voor Louis, dat hij altijd op zoek was naar contact met andere koren en sleutelfiguren, een contact waaruit een langdurende samenwerking kon ontstaan.
Heel bijzonder was de samenwerking tussen Louis en Johan Schoenmakers, onze huisregisseur. Die samenwerking tussen Louis, Johan en de schola ontstond in 1988 bij de voorbereiding van de uitvoering van het liturgisch drama Ordo ad Peregrinum, en vond haar bekroning in het concert in 2015 naar aanleiding van het promoveren van Johan op de liturgische gebruiken in de abdijkerk van Thorn in de 16e eeuw.
Aan het jarenlang studeren van Louis in zijn ‘ketéúrke’ is nu een einde gekomen en moeten wij onze vriend, die vele jaren in ons midden was, uit handen geven.
Dat afscheid nemen doen we in grote dankbaarheid, vol vertrouwen dat God hem in zijn hemelse koren zal opnemen.

Vóór deze uitvaartmis heeft de schola op verzoek van Louis psalm 23 gezongen: Dominus pascit me, et nihil mihi deerit, De Heer is mijn herder, mij zal niets ontbreken.
In datzelfde Godsvertrouwen zingt de Kerk al sinds de 4e eeuw in het avondgebed het Nunc dimittis est, de lofzang van Simeon, waarin Simeon zich richt tot God die het licht en het heil is voor de wereld en voor het leven van elk mens.
Met díe woorden wil ik graag dankbaar van Louis afscheid nemen: Laat nu, Heer, volgens uw woord uw dienaar in vrede gaan. Mijn ogen hebben uw heil aanschouwd.

 

Cyriel Tonnaer
dirigent Schola Cantorum van het Ward-Instituut
7 maart 2026